Slimmer Bridgen:
Kaartlezen
Leestijd: 5 min
Bij bridge zie je niet alle kaarten. Toch krijg je tijdens het bieden en spelen steeds meer informatie. Welke kaarten liggen in de dummy? Wat is er geboden? Welke kaarten zijn al gespeeld? Door goed op te letten, kun je steeds beter bedenken welke kaarten je partner en de tegenstanders nog kunnen hebben.
In dit artikel leer je alles over kaartlezen.
Snel antwoord
Wat is kaartlezen?
Bij kaartlezen probeer je te ontdekken waar de kaarten zitten. Je gebruikt daarvoor wat er is geboden, wat je in de dummy ziet en welke kaarten al zijn gespeeld.
Waarom lees je de kaarten?
Hoe meer je weet over de andere handen, hoe beter je kunt bepalen welke kaart je zelf moet spelen.
Wanneer begin je?
Eigenlijk al tijdens het bieden. Het bieden geeft informatie over punten en lange kleuren. Tijdens het spelen krijg je steeds meer aanwijzingen.
Moet je alles onthouden?
Nee. Begin eenvoudig. Let eerst op de belangrijke hoge kaarten en probeer één kleur te tellen.
Waarom is dit belangrijk?
Bij het tegenspelen zie je de kaarten van je partner en de leider niet. Toch moet je steeds kiezen welke kaart je speelt.
Kaartlezen helpt je om:
- te bedenken waar belangrijke kaarten kunnen zitten
- te zien hoeveel kaarten van een kleur nog over zijn
- informatie uit het bieden te gebruiken
- betere keuzes te maken tijdens het spelen
Iedere gespeelde kaart geeft je nieuwe informatie.
Waar let je op?
Je hoeft niet meteen alle 52 kaarten te onthouden. Begin met vier dingen:
- Het bieden
Wat hebben je partner en de tegenstanders verteld over hun kaarten? - De dummy
Bekijk de dertien open kaarten goed. Welke hoge kaarten en lange of korte kleuren zie je? - De gespeelde kaarten
Onthoud vooral welke hoge kaarten al zijn gespeeld. - De kleuren
Probeer één belangrijke kleur te tellen. Van iedere kleur zijn er dertien kaarten.
Zo verzamel je stap voor stap steeds meer informatie over de verborgen kaarten.
Zo werkt tellen
Stel dat je schoppen wilt tellen.
Je ziet 2 schoppen in je eigen hand en 3 in de dummy. De leider heeft geopend met 1, dus je weet dat hij minimaal 5 schoppens heeft.
2 + 3 + 5 = 10 schoppens zijn bekend. Je partner heeft dus maximaal 3 schoppens.
Je weet nog niet precies wie welke schoppen heeft. Maar je weet wel steeds meer over hoe de kleur verdeeld zit.
Praktijkvoorbeeld
Je speelt 3SA en hebt samen met de dummy deze hartens:
Dummy:
A 4 3
Jij:
H V 7 2
Jullie hebben zeven hartens, dus de tegenstanders hebben er samen nog zes, want er zitten altijd dertien kaarten van een soort in.
Je speelt A, H en V. Let goed op wat de tegenstanders doen.
Bekennen beide tegenstanders drie keer harten? Dan weet je dat alle harten van de tegenstanders weg zijn. Jouw laatste 7 is nu de hoogste harten en levert een slag op.
Dit is kaartlezen: je telt de kaarten die je ziet en speelt. Daardoor weet je steeds beter welke kaarten nog over zijn.
Blijf goed kijken
Ook na de eerste slag blijf je goed opletten. Kijk welke kaarten worden gespeeld en probeer te onthouden welke belangrijke kaarten al weg zijn.
Let ook op als een speler een kleur niet meer kan bekennen. Zo krijg je steeds meer informatie over waar de overgebleven kaarten zitten en kun je beter bepalen welke kaart je daarna speelt.
Bridgetip
Probeer niet meteen alle kaarten te onthouden.
- Kijk goed naar de dummy.
- Onthoud vooral belangrijke hoge kaarten.
- Tel één kleur die belangrijk is.
- Denk terug aan het bieden.
- Let op als iemand een kleur niet meer kan bekennen.
Bekende valkuilen
1. Niet bijhouden welke kaarten al gespeeld zijn
Als je niet oplet welke kaarten al weg zijn, weet je minder goed welke kaarten nog bij je partner en de tegenstanders kunnen zitten.
2. Niet tellen hoeveel kaarten er nog zijn
Van iedere kleur zijn er dertien kaarten. Door te tellen hoeveel je er al hebt gezien, kun je beter inschatten hoeveel kaarten van die kleur nog over zijn.
3. Het bieden vergeten
Tijdens het bieden hebben de spelers al informatie gegeven over hun kaarten. Gebruik die informatie ook tijdens het spelen.
4. Alleen naar je eigen kaarten kijken
Kijk ook goed naar de dummy en naar de kaarten die je partner en de leider spelen. Iedere kaart geeft je nieuwe informatie.
5. Niet opletten als iemand niet kan bekennen
Kan een speler de gevraagde kleur niet bijspelen? Dan weet je dat die speler geen kaarten meer van die kleur heeft. Dat is belangrijke informatie voor de volgende slagen.
Waar wil je beter in worden?
Kies voor uitleg en tips
Nog lang niet uitgespeeld?
Ontvang tips, verhalen en inspiratie over bridge. Van beter leren spelen tot leuke ontwikkelingen en nieuwe manieren om van bridge te genieten.